De blauwe reiger

blauwe reiger

De blauwe reiger is een vogel die iedereen kent, want ze verblijven vaak in de buurt van mensen. De naam blauwe reiger klopt niet helemaal. Je moet wel behoorlijk kleurenblind of zeer optimistisch van aard zijn om iets blauws te ontdekken aan het verenkleed van deze grijze reiger.

Maar goed, hij heet nou eenmaal blauwe reiger. Deze vogel is, zoals de meeste vogelsoorten die zich veel in de buurt van mensen ophouden, niet heel geliefd. Daar zijn verschillende redenen voor, die volgens mij meer met de tolerantie van mensen tegenover ‘de natuur’ te maken heeft dan met het gedrag van de reigers.

Oké, reigers zijn helaas, net als de meeste andere dieren, niet zindelijk. En omdat blauwe reigers zich graag in de stad ophouden, schijten ze ook vaak in de stad. Dat kun je smerig vinden, maar je kunt het de vogels moeilijk kwalijk nemen. En vooruit, reigers staan er om bekend dat ze de vissen uit de vijver in je tuin opvreten. Dat is vervelend, maar ook dat kun je ze moeilijk kwalijk nemen. Een reiger moet ook eten en hij eet nou eenmaal vis.

Ik vind het knap dat reigers zo veel voedsel weten te vinden tussen de mensen. Veel vogelsoorten nemen in aantal af, omdat ze verdwijnen op plekken waar veel mensen wonen. Maar reigers zien daar ook de voordelen van. Ze lijken soms wel wat op mensen en zijn net zo opportunistisch.

Want waarom zouden ze zelf een vis proberen te vangen als ze ook kunnen wachten tot iemand die staat te vissen ze wat toe stopt? En waarom zouden ze, als ze zelf gaan vissen, op zoek gaan naar beschut levende vissen in troebel water als ze ook duidelijk zichtbare goudvissen uit overzichtelijke tuinvijvers kunnen vissen?

Met de natuur lijken ze het soms lastiger te hebben. Want waar veel vogelsoorten immuun zijn voor vervelende weersomstandigheden (merels zingen soms door in de regen, meeuwen en zwaluwen vliegen gewoon door in de storm) geldt dit niet voor de blauwe reiger: die lijkt zijn stemming behoorlijk te laten beïnvloeden door het weer.

Reigers kijken chagrijnig als ze in de regen staan, zien eruit alsof ze bijna omvallen als het hard waait, staan nog net niet te vloeken en te bibberen als ze in de kou staan en als het heel warm is, is het weer niet goed. Over het weer lijken ze altijd wel wat te klagen te hebben. Ook in dat opzicht zijn het echt net mensen.