De patrijs

DSCN9799

De patrijs is een gezellige vogel die nog het meest weg heeft van een kleine kip. Omdat patrijzen niet zo van vliegen houden kun je ze, als je ze eenmaal gevonden hebt, vaak goed van dichtbij bekijken. Helaas kom je ze op niet veel plekken meer tegen. Het gaat namelijk slecht met de patrijs.

Als je er één in een weiland ziet begrijp je meteen waarom. Patrijzen vertrouwen, met hun mooie grijsbruin gestreepte verenkleed, namelijk op hun schutkleur. In het gevarieerde landschap dat je vroeger in grote delen van Nederland vond, was dit terecht: patrijzen konden zich er uitstekend verstoppen.

Maar in de moderne landbouwgebieden, die bijna alleen nog maar bestaan uit gras, vallen deze dikkige vogels nogal op. De patrijs drukt zich bij gevaar plat tegen de grond en dat ziet er dan een beetje hulpeloos uit. Tot overmaat van ramp is er voor patrijzen niet genoeg voedsel te vinden in de moderne, kale weilanden. Het gevolg is dat de aantallen patrijzen in Nederland vanaf 1975 met ruim 90% zijn afgenomen.

In de directe omgeving van Utrecht is één bekende plek waar je patrijzen kunt zien. Dat gebied, een rommelig stukje braakliggend terrein en wat kleine strookjes gras, ligt inmiddels midden in de enorme Vinex-wijk Leidsche Rijn.

Aan de ene kant heeft dat iets tragisch. Hun leefgebied wordt er langzaam opgeslokt. Het is moeilijk voor te stellen dat de patrijzen het er nog naar hun zin hebben: je gunt ze een betere plek. Maar aangezien het vogels zijn en ze kunnen vliegen ligt het voor de hand dat ze daar uit vrije wil blijven.

Omdat ik geen patrijs ben, blijft het gissen naar de redenen daarvoor. Misschien houden ze wel van een beetje reuring en vermaken ze zich prima, ingeklemd tussen de oprukkende bebouwing. Maar het lijkt me waarschijnlijker dat ze niet weten waar ze heen zouden moeten verhuizen. Er lijken helaas nog maar weinig geschikte plekken voor patrijzen in de buurt te zijn.

Maar aan de andere kant is het natuurlijk te gek. De patrijs, een prachtige vogel die je op nog maar weinig plekken te zien krijgt, zit nog wel met een groepje midden in Leidsche Rijn. En ze lijken nogal onverstoorbaar, zodat je ze prima kunt bekijken. Laten we hopen dat ze er nog lang willen blijven.