Meeuwen

meeuwen

Meeuwen zijn niet de meest geliefde vogels. Veel mensen vinden ze maar irritant. Ze trekken vuilniszakken open, veroorzaken geluidsoverlast en kakken auto’s onder. Aldus de presentator van Een Vandaag, en die zal het wel weten.

Ook ik was nooit zo’n fan van meeuwen. Tijdens het vogels kijken deed ik liever of ze er niet waren. Niet omdat ik last van ze had, maar omdat ik het te moeilijk vond om de verschillende soorten elkaar te houden.

Maar de laatste tijd begin ik meeuwen steeds interessanter te vinden. Juist omdat ze zo aanwezig zijn en je ze, in tegenstelling tot veel andere vogels, rustig van dichtbij kunt observeren. Meeuwen zijn namelijk wél gesteld op mensen. Want deze intelligente vogels hebben donders goed in de gaten dat mensen vaak eten laten slingeren.

Als er voor de meeuwen niks te halen valt, blijven ze uit de buurt. In woonwijken waar vuilniszakken vervangen worden door containers en waar geen etensafval op straat te vinden is, veroorzaken meeuwen ook geen overlast meer, zo blijkt keer op keer uit onderzoek.

Als  je meeuwen observeert, zie je interessante dingen. Vliegen lijkt ze geen enkele moeite te kosten. Je ziet ze niet alleen voedsel van mensen jatten, maar ook van andere dieren en van elkaar. Niet al te vriendelijk. Slapen doen ze dan weer in gezellig grote groepen. ’s Avonds komen de meeuwen vanuit alle hoeken naar de slaapplaatsen gevlogen, om daar met honderden vogels bij elkaar te staan. Deze groepen bestaan vaak uit verschillende soorten meeuwen.

Want er zijn nogal wat soorten meeuwen, die vaak behoorlijk op elkaar lijken. Op bovenstaande afbeelding staan bijvoorbeeld vier soorten. (Boven een kleine mantelmeeuw en een geelpootmeeuw. Onder een grote mantelmeeuw en een Pontische meeuw.)

Het kostte me moeite om al die soorten uit elkaar te houden. Maar als ik ze op korte afstand zie staan, lukt het inmiddels redelijk. Als ze zwemmen of vliegen zie ik de verschillen nog steeds niet goed.

En dan zijn de meeuwen op de foto’s hierboven nog volwassen vogels, waarbij de verschillen relatief duidelijk zijn. Onvolwassen meeuwen zijn nog veel moeilijker van elkaar te onderscheiden. En omdat grote meeuwensoorten er vier jaar over doen om hun volwassen verenkleed te verkrijgen, kom je nogal eens onvolwassen exemplaren tegen.

Zelfs in de ANWB Vogelgids, waarin de meest subtiele verschillen tussen veel op elkaar lijkende vogelsoorten vaak in vijf woorden worden uitgelegd en je het idee krijgt dat je achterlijk bent als je het dan nog niet begrijpt, (wat bij mij vaak het geval is), wordt toegegeven dat het lastig is om jonge meeuwen van elkaar te onderscheiden. Ik citeer: ‘De grote variatie in onvolwassen kleden kan aanvankelijk aanleiding geven tot een mate van wanhoop, maar een goed begrip van de hierna volgende informatie over leeftijden en rui zal verhelderend werken.’

Voor dat ‘goede begrip van de hierna volgende informatie’ is het, vrees ik, een vereiste dat je goed en langdurig naar de verschillende soorten meeuwen kijkt. Voorlopig kan ik dus nog wel even vooruit met mijn hobby.